20260407

Nick Drenkt in Dank

 Hallo daar


Misschien was je er. Daar, toen, daarnet, eigenlijk. Misschien was dat nooit een optie, belandde ik in je prullenmand, al dan niet gebrandmerkt als een blikje vlees of wie weet zelfs als fout gespelde geduldige hobby (als het briefje echt lang onderweg is: spam en phishing). Mogelijk had je al plannen toen mijn aanbod kwam of maakte je er haastig als nuttig alternatief, of kwam het leven tussenbeide met hoofdpijn of een vriend in nood. Whichever were your choices and options: ik wens dat ze je al het beste brengen, en laat niet na op enig moment contact te zoeken. Spijt is niet van tel.

Het beste brengen deden alvast mijn keuzes. Ik haalde herinneringen op en herontmoette. Ik lachte en knuffelde naar schatting tweehonderdvijftig keer (ook toen ik al behoorlijk degoutant doorweekt was). Samen met Niek en Leo verzette ik bergen om een warme maar uiteindelijk vooral praktische "gemeenschappelijke ruimte" en een chaotische "speelruimte" te transformeren naar een concertzaal, gelegenheidsfrituur (bevrouwd door twee jonge heldinnen), expositieruimte en boiler room. En naderhand flikten we het kunstje omgekeerd: HELDEN!
Jullie waren hartelijk. In berichten en opdagen, in sorry's en fuck-waarom-niets en ahem-hier-ben-ik-trots-ops.

Ik zag (hardnekkige 🙂) Stefaans en Jorissen, Sarahs, Grieten en Miekes, familieleden die me brandblussers wouden verkopen of een menu voorschotelden op de dansvloer, of een virtuoze vleeswording van Alphaville die me een alfamannetje vonden. Ik las bezielde of talmende herinneringen en een flonkerend spectrum aan fierheid. Hier of daar spotte ik een full blown second date sexy-outfit (miauwkes!) en drie capedragers voor wie ik capeloos door het vuur zou gaan. Goede tranen van een dochter, de dapperheid van moeders (en zussen), ondanks 11 april of Parkinson. Een man die ik niet kende, schreef me dat hij mogelijks van me houdt en ik respecteer en bewonder hem in zijn boeiende weg en prachtige pen. Kalf-verliefde blikken vanachter een gordijntje (in een jurkje om "uit" tegen te zeggen in de goede zin).
Oude dansmakkers, klasgenoten, modellen, verrassende verbanden tussen vermoede vreemden, heuglijke hulde om het eerder weelderige aanbod aan alcoholvrije bieren (yes, you can have lots of fun without getting drunk) al raakte toch vooral de witte wijn voortijdig uitgeput 🙂. Drie dapperen durfden de sirtaki aan en druppelsgewijs volgden andere dansers: van een kleine rueda (mij een raadsel hoe de maestra van Baila Tropical boven Tijns geluidsinstallatie geraakte) over free gestylede rock 'n roll uit Geraardsbergen of een collectieve extase op Samuel Barber en finaal infantiel fangeboy over de deuntjes van de crèmecar. Enkele onvermoeibaren trokken post chihuahua naar het volgende feestje (wacht tot je knoken zo oud zijn als de mijne, rakkers!).

Ik stierf een beetje, zingend tegen een fluisterkoor van een kleine hondervijftig mensen, maar overleefde met dank aan een verwoed wroetende geluidsmeester, een beginnende gitariste en een oogrollend verraste maar niet minder onderlegde soprane. Ik mocht uiteindelijk mijn "schatje" aan jullie voeten leggen en ik kreeg een geschenk dat ik nooit nog kan vergeten: intieme stilte.
Complimenten voor mijn foto's of merci voor de gelegenheid om Jan-en-Ahmed-en-Sandrine eens terug te zien. Mensen van wie ik weet dat ze geworsteld hebben - of zelfs actief worstelen - die lachten, praatten, dansten of er simpelweg waren. Het mooiste wat je een DJ kan geven: een slow and steady vollopen van de dansvloer.
En van iedereen voor wie ik dertig seconden tijd kon maken toen ze opstapten de belofte om veilig thuis te komen, bijna allemaal betrouwbaar.
Domweg, mij laten wegkomen met al mijn uitgedaag en gedemonstreer en gezwets.
Emoties, overwinningen, gewaardeerde over- en opgaves.
Liefde. Veel liefde.
Blij.


Nick Sabbe heeft alle kenmerken van een gepriviligieerd mens. Wit (maar bruinend bij de minste zon), mannelijk (zij het hopelijk niet nodeloos macho), hetero('ish), hoogopgeleid (al miste ik het doctoraatsschavotje) en met een netwerk aan vrienden, kennissen, familieleden (voor wie pakweg collega's of buren zou missen: zie het eerste woord uit dit rijtje). Hoogmiddelbare leeftijd, alsook minstens twee vrouwen die wel eens met mij willen dansen. Een coole job en te veel hobbies. Zo levend als Spring (Ik wil leven, ik wil vrij zijn).
Ik geloof nooit dat ik voldoende dank kan uitdrukken naar iedereen die een teken van leven gaf of zelfs daadwerkelijk opdaagde. Maar dan toch dit: één iemand vroeg me of ik dit feest toch niet organiseerde omdat ik een verschrikkelijke ziekte had of zo. De enige verschrikkelijke ziektes die ik heb zijn een hardnekkige hoest (van tijdelijke aard, mag ik hopen) en een voorlopig onverwoestbare neiging "to suck the marrow out of life", dus dat zit wel snor. Niettemin: ware de hele santekraam in dat licht opgetrokken geweest: het was een waardig afscheid geweest, waarvan ik zal genieten tot ver voorbij mijn volgende waanzinige onderneming.


Tot slot, dan, enkele praktische zaken:
  • De link naar de presentatievorm van mijn "laatste 30-something minuten": Nick’s Filthy Fifty Mix.pptx. Daarmee heb je mogelijk wat meer tijd om de slides te lezen (misschien kom je jezelf wel tegen)
  • De slide deck met de "trotsen": wij Vlaampjes zijn niet zo scheutig met onze fierheid, dus lees/kijk even wat sommigen onder jullie schoorvoetend als zoveel erkenden (N.B. Niet alles uit deze deck was "met dat doel" doorgestuurd, maar soms vond ik dat ik het wel kon maken om je te laten weten dat je hier trots op mag zijn en/of wou ik er zelfs een beetje reclame voor maken; hence: check ook de 100% terechte sluikreclame 🙂): Pride – no prejudice.pptx
  • Ook de herinneringen zijn loaded. Sommige (blauw) zijn van mij, andere (groen) zijn van "jullie". Ook hier was ik soms "stout" omdat ik meende dat een (onbewuste) herinnering (anoniem) gezien mocht worden: What\u0027s That Tune From Cats.pptx
  • De playlist van het concertje (met om evidente redenen één nummer met een andere tekst): https://open.spotify.com/playlist/0GFwK7M2VVxCw4slXYKfVj?si=bc1e0aad70534bd4 en mijn gitaarpartijen en de teksten (die allemaal de moeite zijn om als poëzie te koesteren): Performance Verjaardag Final.docx
  • Ik was er niet tijdig in geslaagd een QR-codige oplossing te maken zodat de aanwezigen de afgesproken vrije bijdrages konden doen in hun drankverbruik. Wie daar echt op staat, kan dat alsnog doen door te storten op mijn bankrekening, BE52 0639 8634 1909. Gelieve er rekening meete houden dat ik naast een excessief gebrek aan fysieke ruimte ook erg krap zit tegen de bovengrens van mijn rekening, dus beperk u tot bedragen onder de vijf nulletjes <3
  • Ik ga even zwijgen. Proberen uit de black list van het internet te geraken (600 adressen mailen is "verdacht", zo blijkt). Maar ooit krijg ik wel weer een nieuw idee. Daarom een formke om jullie te vragen of jullie het verder OK vinden dat ik jullie ooit nog opnieuw contacteer: Roep me – Fill out form. 't Is maar 3 vragen, waaronder je naam en een optionele, dus you can do this (en indien relevant: deel ook met je partner - soms heb ik maar een adres van één van jullie and nobody seems to want to be left out)
  • Minor Update: link naar een mapje met verzamelde foto's en filmpjes: Verzamelde foto's
 
Nick out.

P.S.: het lukt me wellicht niet om op elkeens bericht (ook die van voorbije weken) persoonlijk te antwoorden. Jullie zijn iets te massaal (dit is geen fatshaming - jullie zijn trouwens allemaal sexy as hell - maar misschien een tikje numberteasing). Ping me als je echt wel om een respons verlegen zit. Of als je me nodig hebt. Of als je daar zin in hebt.
Nick nog outer (/out there).
 

 

20260307

Hart van Goud

Bedaard op en neer. Adagio, vol aandacht, beheerst, sereen welhaast jou brengen waar je zijn wil. Je vindt ook de knoppen wel en dankbaar laat je je opslokken door het piepende metaal en het zachter kreunende verheffen.


Die stad zal nooit mijn stad zijn. Haar Arische pleinen, haar accent dat naar Vlaamse televisie riekt, haar karrevrachten hippe scharen, haar immobiliëngesjoemel of haar hartelijke haven voor Gazanenhaters zullen wel nooit aan mij besteed raken. In haar straten wil ik dag noch nacht verdwalen. Ik ben echter geen absolutist: ook zij heeft haar pareltjes, zoals de Roma en hier of daar een gestorven zanger.


En op twee straten van die Roma een wanstaltig gebouw: een architect verwarde brutalisme met vulgariteit zodat kwaadaardig lagekwaliteitsbouwstoffen de nochtans goedbedoelde strakke lijnen na jaren van zure regen en bewoners kloven, schaafwonden en generieke wormstekigheid bezorgden. Pokken, roetvlekken, schimmel en kleuren die de vergankelijkheid voorbij walmden, bedolven het voorheen al banale betongrijs tot een abominabele braakplas die ternauwernood het geheel staande kon houden omheen de diepliggende zelden gewassen ramen. De deur leek geïmporteerd uit een tweederangs sciencefictionfilm in het oude Oostblok: troosteloos afgebladderd vaalgroen naast het beige restant van een parlofoon, een toren van uitpuilende deurbelknoppen en lagen aan etiketten met versaagde pogingen tot vrolijke kenbaarmaking boven een vergeelde A4: “bell no working phone” (sic). Onderhoud is voor doetjes en hier dus niet gedaan.


Zelfs met de sleutel die Valska me bezorgde voor mijn maandlange verblijf was het slot een roestige uitdaging, algauw getopt door de onverzettelijkheid van de scharnieren die zelfs het zuchtend opzijzetten van mijn paraplu en cameratas, en de bijhorende hernieuwde inspanning onbetuigd lieten. Gelukkig ontdekte ik snel de achterdeur, die sleutel noch klink vereiste maar me evengoed, zij het ontdaan van elke zweem van veiligheid, naar de hal bracht.


Daar ontdekte ik de parel in de allesbehalve lotusbloem. Een kranige open lift weerstond haar leeftijd, de zwaartekracht en het non-existente servicebudget. Zo verstoken de buitengevels ook waren van minzaam karakter, zo exuberant charmant was de nochtans even door de tand des tijds aangeknabbelde mensenkraan, als een door ingenieurs opgetrokken Audrey Tatou op leeftijd, een filigraan van tanend ijzerwerk. Het toeval wou dat jij, zelf een ballade van een gitzwart carrétje, Sneeuwwitjeslippen en een minstens avontuurlijk kort te noemen rokje onder het neuriën van een deuntje dat ik pas later herkende als “Like a Virgin” nederdaalde in die geduldige kooi. Het nachtegaaltje betrapte me terwijl ik haar teraardebestelling met enige aandacht observeerde, knipoogde terwijl de wat weerspannige poortjes weken, wentelde op kniehoge lakleren laarzen elegant om haar as toen ze me dichterbij dan noodzakelijk passeerde en wierp mijn aangenaam verraste persoon een kushandje toe voor ze verdween door hetzelfde gat van de timmerman als waardoor ik hier gekomen was.


Uit principe koos ik voor de trappen die zich vierkant omheen Audrey wentelden – ik moest immers maar naar de tweede verdieping – maar ik kon het niet laten een blik te werpen in jouw weinig effectieve gevangenis van zo-even. Roest, een verweerde namaakhouten bekleding en een afschuwelijk aftands tapijt vloekten hartsgrondig met de koperen knoppen in schijnbaar perfecte staat, de trouw gepoetste tanden van deze bejaarde. Iemand had zich de vreemde moeite getroost om het bedieningspaneel getaand maar verder smetteloos te houden in de verder toch ook geknakte zenuwbaan van dit gebouw. Met geheven wenkbrauwen en schouders wendde ik me dan maar tot de rood betegelde treden.


Na een eerder korte nachtrust verliet ik mijn al even weinig noemenswaardig als dagverlichte studio en werd opnieuw getrakteerd op jouw verticale passage. Prompt grijnsde je doorheen je werknacht, vond feilloos de bronzen stopknop, zodat het verstommende knarsen en kreunen je stilhield op een hoogte waar ik gemakkelijker je vermoeide groene slipje dan je verheugde gezicht kon bestuderen. Dat lukte me ook al niet omdat je in de slechts in aantal woorden karige uitnodiging ”kom je” zoveel accent wist te leggen dat mijn innerlijke etymoloog even moest bekomen, als na een afgeluisterd gesprek tussen twee Bressiaanders, met hun hemeltergend foute AI-versie van een dialectisch huwelijk tussen mijn West-Vlaamse moeder en Rob De Nys. Jij liet de Schelde vlotjes in het Ij monden langs je eigen mond en sloeg mij zowaar met enige verstomming. Lang genoeg om je je verzoek te laten herhalen alsof ik misschien doof was, waarna ik mijn bewustzijn terugvond in de blik op het smaragden kleinood tussen je benen.


“Ik hoor eigenlijk nu te gaan werken, maar… waar kan ik je vinden?”


“Penthouse” klinkt in geen van beide taaltjes die je mixte als een erg geloofwaardig luxeverblijf, en noch het mixen, noch je sarcastische blik, noch de instant herboren machinerie en bijhorende herrie stuurden die gedachte een andere kant uit. Toch kan ik niet beweren dat het er niet goed was: een kleine twaalf uur later schopte je me met liefde terug de trap af met de boodschap dat je nu terug betaald moest gaan neuken om dat paleis te bekostigen.


De foto’s van jou, zonder smaragd of saffier of robijn over je zacht glanzende huid maar achter de tralies van de lift, likkend aan de bronzen knoppen en liggend op de rode tegels brachten genoeg op om je veertien pedagogische studiedagen en een paar nieuwe laarzen te kopen.

Lift Me Up

20251004

Drie mijmers één stijl

Ononderbroken briljant brandt
De zon zand tot zinloze glazen 
Geen geutje geen gulp geen glimp landt
Zie 't zilt spoor van zeldzame oase
Hoe gulzig of dorstig doch ernstig toch kan 't
Drinken dan schijnen voor dwazen


Verser dan vandaag wrocht jij
Koekjes en cake en klaaspaarden 
Gul gaar en geurig van graagmakelij 
Die deemstert deed denken bedaarde
Wijl wijken ook blijkt aan de andere zij
Van vazen vol die ik vergaarde 


Over euvels keuvelt 't gepeupel 
Van andere landers hun fout 
Zonder vlijm onwijs wijst men zich kreupel
Naar door schurk en schabouw voorgekauwd
Dadde jadadde kom drink nog nen dreupel
We kakelen kommen vol kikkers koud